EnglishI Tjing Orakel · Gids

Kan de I Tjing ja of nee antwoorden?

Wie de I Tjing opent, wil vaak maar één ding weten: doen of niet doen. Ja of nee. Het eerlijke antwoord is dat het boek zo niet werkt. De I Tjing is geen muntje dat je opgooit, maar een spiegel van vierenzestig situaties. Wat je krijgt is geen kaal ja of nee, maar een beeld van waar je staat en van de richting waarin je situatie beweegt. Dat klinkt als minder; in de praktijk is het meer.

Waarom de I Tjing geen ja/nee-machine is

Een muntworp kent twee uitkomsten. De I Tjing kent er vierenzestig, en geen daarvan is een uitspraak; het zijn situaties: het wachten, de strijd, de doorbraak, de terugkeer. Werp je een hexagram, dan zegt het orakel niet "doe het" of "laat het", maar: dit is de tijd waarin je je bevindt, dit beweegt er, hier zit de kracht en daar het gevaar.

Dat is geen ontwijking, het is precisie. Achter bijna elke ja/nee-vraag zit een grotere vraag verstopt. Wie vraagt "moet ik deze baan aannemen?" wil eigenlijk weten wat die baan met zijn leven doet, wat hij inlevert en wat hij hoopt te vinden. Een ja beantwoordt die vraag niet; een goed beeld wel.

Bouw je ja/nee-vraag om

De kunst is je gesloten vraag zo om te formuleren dat er ruimte ontstaat voor een beeld. Drie voorbeelden:

De open variant is niet vager, ze is groter. Ze nodigt het orakel uit iets te zeggen over de hele situatie, ook over de delen die je zelf nog niet in beeld had. Meer over het formuleren van een goede vraag lees je in de I Tjing raadplegen.

Het oordeel geeft wél richting

Wie vreest dat een open vraag alleen wolkige beelden oplevert, kan gerust zijn: de I Tjing is regelmatig verrassend stellig. Elk hexagram heeft een oordeel, en veel oordelen spreken klare taal. "Het loont het grote water over te steken" is een onmiskenbare aanmoediging om de grote stap te wagen. "Het loont niet ook maar ergens heen te gaan" is even onmiskenbaar het omgekeerde. Daartussen liggen fijnere gradaties: volharding brengt heil, gelukken in het kleine, gevaar op één bepaalde plek.

Zo krijg je toch iets dat op een ja of nee lijkt, maar dan ingebed in het waarom en het wanneer. Niet "nee", maar "nu niet, want de tijd draagt het nog niet". Niet "ja", maar "ja, mits je het zo aanpakt". Dat is precies het soort antwoord waar je iets mee kunt.

Het tweede hexagram: waar dit heen beweegt

Vallen er bewegende lijnen, dan verandert je hexagram in een tweede: het beeld van waar de situatie naartoe kantelt. Ook dat is richting. Een moeizaam eerste hexagram dat naar een gunstig tweede beweegt, vertelt een heel ander verhaal dan het omgekeerde: in het ene geval ben je door het zwaarste heen, in het andere heeft de mooie fase een einddatum. Hoe je die twee beelden samen leest, staat in veranderende lijnen; alle vierenzestig situaties vind je in het hexagramoverzicht.

De valkuil: werpen tot het bevalt

De ja/nee-verwachting heeft een schaduwkant: wie ja wilde horen en iets anders kreeg, gooit nog een keer. En nog eens. Hexagram 4, De Jeugddwaasheid, zegt daarover onomwonden: bij de eerste vraag krijg je antwoord, wie twee of drie keer hetzelfde vraagt is opdringerig, en de opdringerige krijgt niets meer. Dat is geen straf, het is nuchterheid. Wie herwerpt, zoekt geen antwoord meer maar goedkeuring, en die geeft het boek niet.

Het oude telritueel met de duizendbladstelen had daar altijd al een natuurlijke rem op: wie twintig minuten telt voor één antwoord, gaat vanzelf zorgvuldiger met zijn vragen om. Die zorg kun je ook zonder stelen opbrengen: één vraag, één antwoord, en dan even zitten met wat er ligt.

Probeer het met een open vraag

Neem de knoop waar je nu mee rondloopt, haal het ja of nee eruit en vraag naar de situatie zelf. Werp de stelen online en lees het oordeel als wat het is: geen uitspraak van een rechter, maar de raad van iemand die de hele situatie overziet. De knoop hak je daarna zelf door, en dat hoort zo.

Veelgestelde vragen

Kan de I Tjing een ja/nee-vraag beantwoorden?
Niet letterlijk: het orakel geeft geen ja of nee, maar een beeld van je situatie en haar richting. Veel oordelen zijn wel duidelijk gunstig of ongunstig, dus richting krijg je zeker. De beslissing zelf blijft aan jou.
Hoe maak ik van een ja/nee-vraag een goede open vraag?
Vraag niet "moet ik dit doen?" maar "wat zet ik in beweging als ik dit doe?" of "hoe staat het ervoor met deze stap?". Zo laat je ruimte voor een antwoord over de hele situatie, ook over wat je zelf nog niet zag.
Wat als het antwoord me niet bevalt, mag ik opnieuw werpen?
Liever niet: hexagram 4 zegt dat wie twee of drie keer hetzelfde vraagt geen antwoord meer krijgt. Herwerpen is meestal zoeken naar goedkeuring in plaats van naar inzicht. Laat het antwoord even liggen en kijk er later opnieuw naar.
Waar zie ik of een hexagram gunstig of ongunstig is?
In het oordeel, de korte kernspreuk bij elk hexagram. Zinnen als "het loont het grote water over te steken" of "volharding brengt heil" wijzen een duidelijke richting. Bewegende lijnen en het tweede hexagram verfijnen dat beeld.